Panorama

Blad 
 van 955
Records 4771 tot 4771 van 4771
Nummer
1919, nr.52, 24 dec. 1919
Blad
16
Tekst
’ANORAMA 16 EEN KERSTVERHAAL. e vader van Herman was kapitein van een compagnie in een kleine vestingstad in het noorden van ons land. Hij woonde in de vesting en zag dus eiken dag soldaten. Hij kende alle signalen, hield van parade en wilde als hij een man geworden was, ook officier worden, zooals zijn vader. Daarom noemden de soldaten hem ook allen „Kaptein Her”!. Kerstmis was op komst, toen op zekeren helderen, kouden namiddag Herman met zijn schaatsen over den schouder het huis verliet. Aan het einde van de straat zag hij zijn schoolkameraad Wim Vermond, het zoontje van den overste, ook met schaatsen, en samen gingen zij naar den Vliet. Ze vermaakten zich terdege en het donker begon reeds te vallen, toen Wim door den schemer misleid, opeens in een wak reed. Hij klemde zich krampachtig aan den rand van het ijs vast en riep luidkeels;,,Herman! Help! Help!” Herman kwam snel aanrijden en riep zijn vriend toe: „Houd vast, Wim! Houd vast. Ik kom zoo!” Hij reed naar den walkant, brak een langen dikken wilgentak af, en stak dezen dan zijn vriend toe, terwijl hijzelf zich aan de .overhangende takken vasthield. „Pak aan, Wim! Ik zal trekken!” Willem pakte den tak en .Herman trok uit al zijn macht, en het gelukte hem aldus zijn vriend op het ijs te krijgen. Doch toen hij hem met een ruk naar den kant wilde trekken, raakte zijn voet verward in de wortels van den boom, waaronder hij stond, en viel hij achterover op den grond. Hij probeerde zijn voet terug te trekken, doch gaf een schreeuw van pijn. Hy kon niet opstaan. „Neem mijn jas, Wim!” riep hij zijn vriend toe, die inmiddels den oever bereikt had. „Ik ben warm, maar kan mij niet bewegen. Ik vrees, dat ik mijn voet verstuikt heb. We zullen moeten wachten tot er iemand voorbijkomt.” „Ik kan nets doen. Her! Ik ben zoo stijf als een stok. Maar jij hebt mijn leven gered en daarom krijg jij mijn nieuw zakmes, zoodra wij thuis zijn,” mompelde Willem en zakte van doorgestanen schrik en koude bewusteloos naast zijn vriend neer. Herman trok zijn jas uit, legde die zoo goed mogelijk over zijn vriend heen en wachtte nu geduldig af tot er hulp zou komen. Eindelijk, na uren wachten — het was intusschen geheel donker geworden — zag hij licht door de boomen flikkeren en hoorde hij stemmen. Herman gaf een schreeuw van blijdschap. „Daar zijn ze!” riep de krachtige stem van zijn vader, die met den vader van Willem en een paar soldaten op zoek naar de beide jongens was uitgetogen. Wim en Herman werden beiden opgenomen en spoedig lagen ze in hun warm bed. Het was eerste Kerstdag. Herman was in zooverre hersteld, dat hij .mocht opzitten in bed. Zijn moeder zat bij hem en hij vertelde haar nauwkeurig het geheele ongeval. „Zie je, Moeder, ik was zoo bang, dat Wim sterven zou!” „Lieve jongen,” zei zijn moeder, „je was een braaf soldaat en je hebt een leven gered. Ik ben trots op je!” „Maar . . Er werd geklopt. „Mevrouw,” zei de binnentredende dienstbode, „de oppasser van den overste wenscht U te spreken.” Moeder ging naar beneden en kwam terug in een vroolijke, opgewonden stemming, terwijl ze een klein pakje in de hand had. „Dit is voor jou, van den overste,” zei ze. „Wat zou dat wezen?” Met bevende vingers maakte Herman het pakje open en vond een leeren étui en in het étui op rood pluche een fraai zilveren horloge. Bovenop het horloge lag het volgende briefje: „Aan den dapperen „Kapitein Her”, ter belooning van bewezen diensten. Van Wims Vader”. En aan de binnenzijde van het horloge stond gegraveerd: „Voor moed, beleid en trouw 1” „O, Moeder! Een echt horloge! Voor mij. Van den overste!” Op dat oogenblik klonk van buiten de roep: „Herman, kijk eens door het raam!” Herman leunde voorover uit het bed en keek door de ruiten; en wat zag hij: daar beneden op den binnenplaats stond zijn vader en naast zijn vader stond een klein paardje, de mooiste ponny dien Herman zich had durven droomen. Herman was te verbluft en te gelukkig om een woord te kunnen zeggen. Hij kon slechts wuiven naar zijn vader als teeken van blijdschap. Toen keerde hij zich om, omhelsde zijn Moeder en zei: „Moeder, ik zal van nu af nog b ter kapitein zijn, dan ik vroeger was!” ONS KERSTPRIJSRAADSEL. H et vorige prijsraadsel schijnt bijzonder in den smaak gevallen te zijn, ten minste, we ontvingen een aantal oplossingen grooter dan anders en daaronder waren er slechts weinige die foutief waren. Ook op andere wijze bleek ons, dat dit raadsel bijzonder in den geest viel, omdat we verschillende aardige teekeningen ontvingen. Eén neef (of was ’t een nicht ?) zond ons de oplossing in den vorm van een verhaal, dat we zoo leuk vonden, dat we het gaarne zouden hebben opgenomen als we er plaats voor hadden kunnen vinden. Dit neemt echter niet weg dat we dezen inzender gaarne een prijs toezenden, zoodra hij of zij ons meedeelt, hoe oud met een neefje of nichtje te doen hebben. Door den grooten bijval dien we ondervonden, hebben we besloten, nogmaals een soortgelijk raadsel te geven en daarom volgen hier nog een zestal afbeeldingen waarop jelui je best weer èens moet doen. Maar dat is niet alles wat ik te zeggen heb. Zooals je reeds in ons St.-Nicolaasnummer hebt kunnen lezen, heeft de goede Sint bij Oom Tom een tiental geschenken door den schoorsteen gegooid, die heel en ' wel op het haardkleed te recht kwamen, met het verzoek die te verdeelen onder Doe ik inijn plicht, dan is ’t niet goed En doe ik ’t niet, dan ben ik niet goed* hij is en of we Dit lijkt wel op een kokosnoot! Schei uit! ’t verschil is veel te groot. zijn jeugdige familieleden. Oom Tom weet nu niet beter te doen, dan ze te bestemmen als prijzen voor het Kerstraadsel. Hier zijn ze : le Prijs: Een Pakhuis van drie verdiepingen met inventaris, bestaande uit: weegschaal, takel, wagen, pakhuisgoederen enz. 2e Prijs: Schimmentheater. 3e Prijs Spatschilderdoos. 4e Piijs: “ O, ik zie ’t, dat is een kogelvisch! Dat heb je dan eens lekker mis. Het is haast zeker en gewis, Dat ’t in uw zak te vinden i«. Boetseerdoos. 5e Prijs: Zelf te vervaardigen Tram. 6e Prijs: Zelf te vervaardidigen Poppenmeubeien. — 7e Prijs: Teekenmap.— 8e Prijs: Kleurmap. — 9e Prijs: Doos met Vlechtkleurwerk. — 10e Prijs: Doos met Paarlmozaïek. Mochten er Wat dit toch wel beduiden mag? — Dat zeg ik op een anderen dag. prijswinners zijn, die liever een boekwerk hebben, dan zullen we zoo mogelijk aan hun verzoek voldoen. Een ieder doe zijn best! Oplossingen worden ingewacht tot 21 Januari aanstaande. Zij die niet alle voorwerpen geraden hebben, kunnen inzenden wat gevonden. ze hebben Blaker en deel aan : Oplossing Prijsraadsel 13 is: Trekpot. De prijzep vielen ten Lena Evers, Dordrecht, J. HC E. Dreutes, Groningen, OOM TOM.
PDF
Blad 
 van 955
Records 4771 tot 4771 van 4771